Voor de ouder
Hoe het er nu voor staat
De opdracht van vandaag loopt vanzelf mee met wat ze speelt; je hoeft er
niets voor aan te tikken. Een taak hier aantikken opent dat spel meteen op
het bord, buiten het eiland om.
De eilanden
Een eiland gaat open als ze een hele ronde afmaakt. Het eiland waar ze nu
is bepaalt de kleuren, de planten en de plaatsnamen; de spellen zijn overal
dezelfde. Tik er een aan om samen over te varen.
Het tekenboek openen
De naam
Vul hier de naam in. Het spel Jouw eigen letters gebruikt de letters uit die naam, want dat zijn de letters die een kind het eerst wil kunnen schrijven.
Bewaren
Hoe oud is ze?
Dit is de belangrijkste knop op deze bladzijde. Een kind van vier kan niet wat een kind van vijf kan, en een spel dat voor allebei bedoeld is, is voor geen van beide goed. Bij vier tellen de spellen tot zes, blijven de patronen bij ab en aab, en staan hakken en plakken, cijfers schrijven en het uitzichtspel er niet bij: wat je niet ziet mis je niet. Bij vijf loopt alles door tot tien en staat alles er.
4 jaar
5 jaar
Kinderen op dit apparaat
Elk kind heeft een eigen vak: eigen tekeningen, eigen sterren, eigen eilanden. Wisselen van kind doe je hier.
Kind erbij
Voortgang meenemen
Alles staat op dit apparaat en nergens anders. Er gaat niets naar internet, maar dat betekent ook dat een gewiste tablet alles meeneemt. Bewaar af en toe een bestand, dan kun je het altijd terugzetten, ook op een ander apparaat.
Bewaar in een bestand
Zet een bestand terug
Wanneer lukt welke vorm normaal gesproken
Vorm Lukt gemiddeld rond
Cirkel 3 jaar
Kruis (+) 4 jaar
Vierkant 4,5 jaar
Driehoek 5 tot 5,5 jaar
Schuin kruis (X) 6 jaar
Ruit 6,5 tot 7 jaar
Bij vijf jaar zijn cirkel, kruis en vierkant aan de beurt, is de driehoek net in beeld en is de ruit nog toekomstmuziek. Een ruit vraagt twee schuine richtingen tegelijk, en dat rijpt pas rond zeven jaar. Daarom staat het schuine kruis in het tekenspel vlak voor de ruit: dat zijn precies de twee lijnen die ze ervoor nodig heeft. Als de ruit nu niet lukt, is er niets aan de hand.
Voorlezen
Een kind van vijf leest nog niets. Alle opdrachten en complimenten worden daarom hardop gezegd, met de stem van de browser. Er gaat niets naar internet. Het luidsprekertje naast de opdracht herhaalt hem.
Opdrachten hardop voorlezen
Samen spelen
De leerwetenschap vat een goede educatieve app samen in vier pijlers: actief, betrokken, betekenisvol en samen met iemand . Die laatste kan een app niet alleen. Wat wel helpt is er samen over praten : uit onderzoek onder tweeënveertig studies blijkt dat juist gesprekken die het kind helpen begrijpen wat het ziet samenhangen met betere taalontwikkeling. Zet dit aan en er verschijnt bij elk spel één vraag die je kunt stellen. Het zijn met opzet vragen en geen uitleg, want zodra de volwassene het gesprek overneemt verdwijnt het effect.
Vraag voor de volwassene tonen
Knor even horen
De geluiden
Alle geluiden worden ter plekke berekend, er staat geen enkel geluidsbestand in de app. Tik ze hier achter elkaar aan om te horen of ze kloppen. De drie personages hebben elk hun eigen geluid en laten zich horen zodra ze het woord nemen.
De rondes
Het tekenspel loopt in rondes van vijf vormen. Een ronde telt pas als hij helemaal af is: stopt ze na twee vormen, dan begint de ronde de volgende keer opnieuw bij de eerste. Maakt ze alle vijf af, dan gaat de schatkist open en begint de volgende ronde met een lege kaart. Elke ronde wordt bovendien iets moeilijker: ronde 1 loopt alle drie de stappen af, ronde 2 begint bij de ankerpunten, en vanaf ronde 3 tekent ze meteen uit het hoofd. Haar getekende lijnen en verdiende sterren blijven altijd bewaard.
Waarom er vijf vormspellen zijn
Vormen tekenen traint het produceren. Zelf maken is iets anders dan herkennen, en laat beter beklijven dan alleen kijken.
Zet hem op zijn plek koppelt een vorm aan zijn omtrek. Er liggen met opzet vaak twee soorten driehoek tegelijk.
Tel de hoeken is de stap van "het lijkt op een berg" naar "het heeft drie hoeken". Dat is in de leerlijn van Van Hiele de sprong van niveau nul naar het beschrijvende niveau.
Welke hoort er niet bij werkt met bijna-voorbeelden: een ovaal tussen cirkels, een driehoek met een bolle zijde. Begrip komt niet alleen van goede voorbeelden, maar juist ook van tegenvoorbeelden.
Zoek de vorm traint herkennen onder variatie: scheef, groot, klein, en driehoeken van verschillende soorten.
Onderzoek van Clements en Sarama laat zien dat kinderen vormbegrippen bouwen uit gevarieerde voorbeelden met vergelijkbare verschillen. Vrijwel al het vormsorteerspeelgoed toont alleen cirkels, gelijkzijdige driehoeken en vierkanten, en geen enkele niet-canonieke driehoek. Een kind dat alleen die ziet, concludeert dat een scheve driehoek geen driehoek is. Daarom staan hier ook rechthoekige, stompe, smalle en platte driehoeken.
Hoe je het inzet
Vijf minuten per keer , liefst dagelijks. Gespreid oefenen verslaat één lange sessie, en alleen gespreid oefenen verbeterde in onderzoek ook het toepassen op nieuwe situaties.
Wissel de spellen af binnen zo'n vijf minuten. Herkennen, tellen en tekenen door elkaar werkt beter dan twintig keer hetzelfde.
Laat haar zelf kiezen welk spel en welke vorm. Zelf kiezen houdt het van haar.
Stop op een hoogtepunt , dus na een gelukte poging en niet na een mislukte.
Benoem de beweging, niet het resultaat. "Van boven schuin naar beneden, en dan schuin terug omhoog" helpt meer dan "netjes zo".
Zeg de kenmerken hardop. "Drie zijden, drie hoeken" is precies de taal die haar naar het volgende niveau tilt.
Geen tijdsdruk. Daarom zit er nergens een klok in: haast verslechtert de fijne motoriek.
Doe het ook op papier
Groot beginnen: stoepkrijt of een dikke stift op een flap, hele arm in beweging. Pas daarna klein op papier.
Laat haar de vorm eerst met haar vinger in de lucht natrekken terwijl jij de beweging uitspreekt.
Laat haar de vorm voelen: knip een driehoek en een ruit uit karton en laat haar met dichte ogen de randen en punten aftasten.
Leg vormen met satéprikkers of rietjes voordat ze getekend worden. Een ruit als vlieger met twee kruisende stokjes wordt opeens logisch.
Wanneer je verder zou kijken
Als de cirkel op vijfjarige leeftijd nog niet rond komt, als ze het potlood met haar hele vuist blijft vasthouden, of als tekenen structureel weerstand oproept, bespreek het dan met de leerkracht of de jeugdarts. Een worstelende ruit op vijf jaar is daarvoor geen aanleiding.
Hoe het nu gaat
Verhaal opnieuw vertellen
Voortgang wissen